Understand spoken Dutch

Dutch-English Dictionary - Z

0 (2) 1 (18) 2 (9) A (801) B (1227) C (218) D (4358) E (1794) F (214) G (996) H (2580) I (1565) J (325) K (833) L (505) M (830) N (443) O (899) P (568) Q (2) R (442) S (1206) T (1175) U (216) V (1409) W (1308) X (3) Y (88) Z (1103)
Dutch Recording English Learn
Ze trilde van opwinding.
She trembled with excitement.
Ze veegde het kwijl van haar mond af.
She wiped the drool off her mouth.
Ze veranderde snel van onderwerp.
She quickly changed the subject.
Ze verdween langzaam in het nevelige bos.
She slowly disappeared into the foggy forest.
Ze verkochten het als een stel, niet apart.
They sold it as a set, not separately.
Ze verkopen meubels.
They sell furniture.
Ze verslaat elke tegenstander moeiteloos.
She defeats every opponent effortlessly.
Ze vervolgt mensen vanwege hun religie.
She persecutes people because of their religion.
Ze verwacht een kind.
She is expecting a child.
Ze verwierp het dwaze idee en koos voor een betere aanpak.
She rejected the foolish idea and opted for a better approach.
Ze verwijderde de wikkel van de chocoladereep.
She removed the wrapper from the chocolate bar.
Ze verzamelt munten.
She collects coins.
Ze vinden me niet leuk.
They don’t like me.
Ze vindt hem leuk.
She likes him.
ze vindt het prima
she’s fine with it
Ze vlogen elkaar naar de keel.
They were at each other’s throats.
Ze voelde de koude handboeien om haar polsen.
She felt the cold handcuffs around her wrists.
Ze voelde zich beledigd.
She felt offended.
Ze voelde zich neerslachtig.
She felt depressed.
Ze voelde zich voor schut.
She felt embarrassed.
Ze voelt zich goed.
She feels fine.
Ze vonden het erg leuk.
They enjoyed it very much.
Ze waarschuwden ons voor de gevaren van verdrinking.
They warned us about the dangers of drowning.
Ze wacht maximaal vijf minuten.
She waits at most five minutes.
Ze wacht op de knappe, blonde prins.
She’s waiting for the handsome, blond prince.
Ze walgen van leugens.
They are disgusted by lies.
Ze waren aan het honkballen in het park.
They were playing baseball in the park.
Ze waren aan het slapen.
They were sleeping.
Ze waren al getrouwd.
They already got married.
Ze waren moe na al het gezeul met de bagage.
They were tired after all the dragging of luggage.
Ze waren niet thuis.
They were not home.
Ze waren uitgegaan.
They had gone out.
Ze waren van mij.
They were mine.
Ze was een telg uit een van de aanzienlijkste families van Venetië.
She was a descendant of one of the most important families in Venice.
Ze was naar bed gegaan.
She had gone to bed.
Ze was nog steeds een maagd.
She was still a virgin.