Understand spoken Dutch

Dutch-English Dictionary - M

0 (1) 1 (7) 2 (3) A (442) B (694) C (111) D (2600) E (582) F (115) G (533) H (1298) I (516) J (139) K (472) L (276) M (423) N (252) O (477) P (341) Q (1) R (229) S (668) T (493) U (104) V (755) W (562) Y (87) Z (424)
Dutch Recording English Learn

M

M (letter)

maag

stomach (organ)

maagdarm

stomach bowel

maagdarmstelsel

gastrointestinal tract

maaiende

flailing

maait

mows

maak

make

Maak je geen zorgen.

Don’t worry.

maakt

matter (part 1)

maakt

makes (3rd person singular)

maakt uit

matter

maakte

made (singular)

maal

times (quantity)

maaltijd

meal

maaltijden

meals

maan

moon

maand

month

maandag

Monday

Maandag wordt een wisselvallige en onstuimige dag met buien.

Monday will be a changeable and turbulent day with showers.

maanden

months

maandverband

sanitary pad

maar

but

maar - daar ging het lichtje uit, de kachel verdween, zij hield slechts een klein stompje van het afgebrande lucifertje in de hand.

but - the light already went out, the stove disappeared and all that was left, was the remains of a half-burnt match in her hand.

Maar al de nood en de ellende, welke het eendje in die strenge winter moest doorstaan, te vertellen, zou te akelig zijn.

But to tell all the distress and misery the duckling had to endure in that harsh winter would be too dire.

Maar als je erop staat om het jezelf gemakkelijk te maken, zal het leven heel moeilijk voor je zijn.

But if you insist upon being easy on yourself, life is going to be very hard on you.

maar blijkbaar leefden ze verkeerd

but apparently they lived wrongly

maar daaraan dacht zij niet.

but she didn't think of this.

Maar dat doet er niet toe!

But that doesn’t matter!

maar dat kan ons niet schelen

but we don’t care

maar de Hollanders schiepen Holland

but the Dutch created Holland

Maar de krant benadrukt dat het niet zal volstaan om de vooropgestelde klimaatdoelstellingen te halen.

But the newspaper stressed that it will not be sufficient to meet the stated climate goals.

Maar er is geen huis met je te houden, en het is alles behalve plezierig, met jou om te gaan

But you are uncontrollable, and it is anything but enjoyable to spend time with you

maar er kwamen geen eieren

but no eggs came

Maar het arme eendje, dat het laatst uit het ei gekomen was en er zo lelijk uitzag, werd gebeten, gestoten en voor de gek gehouden, en dat zowel door de eenden als door de kippen.

But the poor duckling that had hatched last and looked so ugly was bitten, bumped and fooled by both the ducks and the chickens.

maar het eendje dacht, dat zij hem kwaad wilden doen en vloog in zijn angst juist in het melkvat, zodat de melk overal in de kamer rondspatte

but the duckling thought they would harm him; and in his fear he flew into the milk pail, so the milk was splashed all over the room

maar het is waar ik geboren ben

but it is where I was born