Understand spoken Dutch

English-Dutch Dictionary - A

0 (2) 1 (13) 2 (8) 3 (1) 4 (1) 6 (1) 7 (1) 8 (1) 9 (1) A (2102) B (749) C (1246) D (861) E (542) F (749) G (443) H (1139) I (1995) J (126) K (83) L (528) M (747) N (384) O (451) P (898) Q (36) R (538) S (1881) T (7218) U (162) V (129) W (1220) X (4) Y (380) Z (21)
English Dutch Recording Learn
A greedy attitude can destroy relationships. Een hebzuchtige houding kan relaties kapotmaken.
a greedy look een hebzuchtige blik
a green salad een groene salade
a grey, shiny haze een grijs, glimmerend waas
a grid een rooster
a ground offensive een grondoffensief
a group een groep
a group of riders een groep ruiters
a guardrail een vangrail
A guardrail is a barrier placed next to roads. Een vangrail is een barrière die naast wegen wordt geplaatst.
a guitar een gitaar
A guitar is a stringed instrument that is played with the fingers or with a plectrum. Een gitaar is een snaarinstrument dat wordt bespeeld met de vingers of met een plectrum.
a gun een geweer
a gym een sportschool
a hand-me-down een afdankertje
a handbag een handtas
a handful of snails slipped out of his mouth er glibberde een handvol slakken uit zijn mond
a hangover een kater
a hatch een luik
a head vooruit
a head injury een hoofdletsel
a headscarf een hoofddoek
a healing een genezing
A healthy diet is important for strong bones. Een gezonde voeding is belangrijk voor sterke botten.
a heatwave een hittegolf
a heavy pickaxe een zware houweel
a heel een hak
a hefty walnut een forse walnoot
a height een hoogte
a hello een hallo
a hidden meaning een verborgen betekenis
a hidden reality een verborgen werkelijkheid
a historic defeat een historische nederlaag
a holiday een vakantie
a holy anointing een heilige zalving
a honey een honing