Summary
The Dutch translation for “to be” is zijn.
Examples of "to be" in use
There are 79 examples of the Dutch word for "to be" being used:
Recording |
English |
Dutch |
Learn |
|
Banking does not have to be difficult and time-consuming. |
Bankieren hoeft niet lastig en tijdrovend te zijn. |
|
|
It’ll be difficult to glue the two pieces together. |
Het zal moeilijk zijn om de twee stukken aan elkaar te lijmen. |
|
|
No one else could be so sensitive than a true princess. |
Zo fijngevoelig kon niemand anders zijn dan een echte prinses. |
|
|
The unions stress that they are not against competition, “but against unfair competition” |
De bonden benadrukken niet tegen concurrentie te zijn, “maar wel tegen valse concurrentie”. |
|
|
Line twelve only comes in half an hour, but line five should be here in three minutes. |
Lijn twaalf komt pas over een half uur, maar lijn vijf zou hier over drie minuten moeten zijn. |
|
|
But if you insist upon being easy on yourself, life is going to be very hard on you. |
Maar als je erop staat om het jezelf gemakkelijk te maken, zal het leven heel moeilijk voor je zijn. |
|
|
The duckling expressed as his opinion, that it could be different, but the chicken was not able to do that. |
Het eendje gaf als zijn mening te kennen, dat het toch ook wel eens anders zou kunnen zijn maar dat kon de kip niet velen. |
|
|
But to tell all the distress and misery the duckling had to endure in that harsh winter would be too dire. |
Maar al de nood en de ellende, welke het eendje in die strenge winter moest doorstaan, te vertellen, zou te akelig zijn. |
|
|
to be broke |
blut zijn |
|
|
they had only the roof to cover them, through which the wind was howling, although the largest holes had been plugged with straw and rags. |
boven zich hadden zij slechts het dak, waardoor de wind heenfloot, al mochten de grootste reten ook met stro en lompen dichtgestopt zijn. |
|