Understand spoken Dutch

"to be" Practice Dutch lesson

Recording English Dutch Status
We have to leave now if we want to get home before dark. Wanneer we voor het donker thuis willen zijn, dan moeten we nu op pad gaan.
to be crazy about gek zijn op
to agree on akkoord zijn op
to be in shape in vorm zijn
It could be anyone. Het kan eender wie zijn.
It could be any one of us. Het kan eender wie van ons zijn.
It won’t be easy for you. Het zal niet gemakkelijk zijn voor jou.
If you will be hard on yourself, life will be easy on you. Als je hard voor jezelf bent, zal het leven gemakkelijk voor je zijn.
You can’t be afraid to fail. U kunt niet bang zijn om te falen.
The assignments must be completed by the end of the week. De opdrachten moeten voor het einde van de week klaar zijn.
to be in love with verliefd zijn op
I’d be grateful. Ik zou dankbaar zijn.
I would be grateful if you could do that for me. Ik zou dankbaar zijn als je dat voor me zou willen doen.
He must be aware of the danger. Hij moet zich bewust zijn van het gevaar.
He already would have been happy if the ducks would have accepted him around them Het zou al blij geweest zijn als de eenden hem maar in haar midden geduld hadden
Once upon a time there was a prince who wanted to marry a princess; but it had to be a real princess. Er was eens een prins, die met een prinses wilde trouwen; maar het moest een echte prinses zijn.
Love can be blind. Liefde kan blind zijn.
She can rightly be proud of her daughter. Ze kan terecht fier zijn op haar dochter.
Would you be interested? Zou je geïnteresseerd zijn?
Surely you don’t want to be wiser than the tomcat and the woman. Je zult toch wel niet wijzer willen zijn dan de kater en de vrouw.