Understand spoken Dutch

Prepositions Examples Dutch lesson

Recording English Dutch Status
Read chapter four for Friday. Lees voor vrijdag hoofdstuk vier.
I want a dish with beef. Ik wil een gerecht met rundsvlees.
The cover of the book caught my attention. De omslag van het boek trok mijn aandacht.
That was a fright for the poor duckling. Dat was een schrik voor het arme eendje.
heavy defeat for Vlaams Belang zware nederlaag voor Vlaams Belang
and bread and cake were thrown into the water en er werd brood en koek in het water geworpen
What are you interested in? Waar bent u in geïnteresseerd?
Tom drank a glass of white wine, and so did Mary. Tom dronk een glas witte wijn, net als Mary.
The guardian looks after the interests of the child. De voogd zorgt voor de belangen van het kind.
I’m scared of dentists. Ik ben bang voor tandartsen.
Try to be patient with others. Tracht geduld op te brengen met anderen.
There was always something that was a bit not quite right. Altijd was er iets, dat niet geheel in de haak was.
They were tired after all the dragging of luggage. Ze waren moe na al het gezeul met de bagage.
The dragging of heavy boxes made him tired. Het gezeul met zware dozen maakte hem moe.
Life is short, you have to enjoy it! Het leven is kort, je moet er van genieten.
I felt myself being pulled towards the abyss. Ik voelde me naar de afgrond getrokken.
I want to talk to the British embassy. Ik wil met de Britse ambassade spreken.
Why did you decide to buy this house? Waarom heb je besloten dit huis te kopen?
She can’t resist complaining. Ze kan het niet laten om te vitten.
the making of images of the gods het maken van de godenbeelden