Skip to main content
Understand spoken Dutch
Search
User account menu
Show — User account menu
Hide — User account menu
Log in
Understand spoken Dutch
Main navigation
Show — Main navigation
Hide — Main navigation
Home
Online Lessons
Dictionary
FAQ
Donate
Blog
Testimonials
Contact
Breadcrumb
Home
Online Lessons
Parts of speech Dutch Courses
Verbs (infinitives) Courses
Verbs (infinitives) 30 Course
Verbs (infinitives) 30 Examples Lesson
Verbs (infinitives) 30 Examples Dutch lesson
Primary tabs
Summary
Quiz
Content
Secondary tabs
All
Words
Phrases
Recording
English
Dutch
Status
to donate
(long form)
te schenken
to take an oath
een eed afleggen
Can you understand me?
Kun je me verstaan?
to take an exam
een examen afleggen
Can you recommend another hotel?
Kan u mij een ander hotel aanraden?
Can you suggest another hotel?
Kan u mij een ander hotel aanraden?
He had to take a deep breath before he spoke.
Hij moest diep inademen voordat hij sprak.
You must act in the interest of everyone.
Je moet handelen in het belang van iedereen.
Now the duckling was suddenly able to spread his wings.
Nu kon het eendje opeens zijn vleugels uitslaan.
It lay in the swamp among the reeds when the sun began to shine warmly again.
Het lag in het moeras tussen het riet, toen de zon weer warm begon te schijnen.
One evening a strong thunderstorm came; there was thunder and lighting, the rain was pouring down, it was terrible weather!
Op zekeren avond kwam er een geducht onweer opzetten; het lichtte en donderde, de regen viel bij stroomen neer, het was een verschrikkelijk weer!