Skip to main content
Understand spoken Dutch
Search
Understand spoken Dutch
Main navigation
Show — Main navigation
Hide — Main navigation
Home
Online Lessons
Dictionary
FAQ
Donate
Blog
Testimonials
Contact
Breadcrumb
Home
Online Lessons
Parts of speech Dutch Courses
Prepositions Courses
Prepositions Revision Course
Prepositions Examples Lesson
Prepositions Examples Dutch lesson
Primary tabs
Summary
Quiz
Content
Secondary tabs
All
Words
Phrases
Recording
English
Dutch
Status
The violin is a string instrument with four strings.
De viool is een snaarinstrument met vier snaren.
He likes to mock colleagues.
Hij houdt ervan de draak te steken met collega’s.
What’s a sweet girl like you doing in a place like this?
Wat doet een lief meisje als jij op een plaats als deze?
it is the first public appearance of Philip
het is het eerste publieke optreden van Filip
What does John do in the furniture factory?
Wat doet Jan in de meubelfabriek?
and then twenty more feather-down quilts on the mattresses
en toen nog twintig donzen bedden op de matrassen
This river is dangerous to swim in.
Het is gevaarlijk om in deze rivier te zwemmen.
Is there an ATM around here?
Is er een geldautomaat in de buurt?
Let’s figure out a better way to do this.
Laten we een betere manier verzinnen om dit te doen.
Can I pay by credit card?
Kan ik met een kredietkaart betalen?
On Saturday evening he goes to his favourite pub.
Op zaterdagavond gaat hij naar zijn favoriete kroeg.
After midnight, it will be dry in most places.
Na middernacht is het op de meeste plaatsen droog.
I try to swim a kilometer a day.
Ik doe mijn best een kilometer per dag te zwemmen.
Tom isn’t like other boys his age.
Tom is niet zoals andere jongens van zijn leeftijd.
We shouldn’t make fun of him so often.
We zouden niet zo vaak de draak met hem moeten steken.
Tom doesn’t know the difference between murder and manslaughter.
Tom kent het onderscheid niet tussen moord en doodslag.
The redevelopment of the park will take several months.
De heraanleg van het park zal enkele maanden duren.
They clapped their wings, and swam proudly in the water.
Zij klapten met hun vleugels en zwommen fier in het water.
He does not distinguish between good and evil.
Hij maakt geen onderscheid tussen goed en kwaad.
the children tumbled over each other, in order to catch the duckling
de kinderen liepen elkaar omver, om het eendje te pakken
Pagination
First page
« First
Previous page
‹ Previous
…
Page
40
Page
41
Page
42
Page
43
Current page
44
Page
45
Page
46
Page
47
Page
48
…
Next page
Next ›
Last page
Last »