Skip to main content
Understand spoken Dutch
Search
User account menu
Show — User account menu
Hide — User account menu
Log in
Understand spoken Dutch
Main navigation
Show — Main navigation
Hide — Main navigation
Home
Online Lessons
Dictionary
FAQ
Donate
Blog
Testimonials
Contact
Breadcrumb
Home
Online Lessons
"good" Practice Lesson
"good" Practice Dutch lesson
Primary tabs
Summary
Quiz
Content
Secondary tabs
All
Words
Phrases
Learn
Recording
English
Dutch
Status
Now the tomcat was the master of the house, and the hen was mistress, and they always said, “We and the world,”
En de kater was heer in huis, en de kip was er zo goed als vrouw, en altijd zeiden zij: «Wij en de wereld!»
They play so well.
Ze spelen zo goed.
I mean it only for your own good.
Ik meen het goed met je!
Squatting is good for your balance.
Hurken is goed voor je evenwicht.
Tom doesn’t think that Mary’s performance was very good.
Tom vond Mary’s optreden niet erg goed.
You are definitely out of your mind.
Je bent zeker niet goed bij je verstand.
The judge approved the seizure of the building.
De rechter keurde het beslag op het pand goed.
The committee approved the proposal.
De commissie keurde het voorstel goed.
Styrofoam is not good for the environment.
Piepschuim is niet goed voor het milieu.
to approve
(split long form)
goed te keuren
“That’s not possible,“ said the duckling’s mother; “It is not beautiful, but it has a good heart and swims just as good as the others, yes, I must say, even better.
“Dat gaat immers niet,” zei de moeder van het eendje; “het is wel niet mooi, maar het heeft een goed hart en zwemt even flink als al de anderen, ja, ik moet zeggen, nog beter.
My best friend dances really well.
Mijn beste vriendin danst goed.
The problem was well explained.
Het probleem is goed uitgelegd.
Lounging is also good for your brain
Ook lummelen is goed voor je brein
He’s too nice for his own good.
Al te goed is buurmans gek.
“Actually, he is not that ugly, if you look closely at him!”
“Eigenlijk is hij toch nog zo lelijk niet, als men hem maar eens goed bekijkt!”
“I think it will grow up well and get smaller over time.”
“Ik denk wel, dat het goed zal opgroeien en mettertijd wat kleiner worden.”
“What kind are you?” they asked, and the duckling turned in all directions and greeted them the best way he could.
“Wat ben jij er voor één?” vroegen zij, en het eendje wendde zich naar alle kanten en groette zo goed het kon.
He stirred the tea well.
Hij roerde de thee goed.
A single match would do her good, if she would dare to take one from a box, strike it against the wall to warm her fingers.
Één enkel lucifertje zou haar wel goed doen, als zij er maar één uit een doosje durfde nemen, dit tegen den muur afstrijken en zich de vingers daaraan warmen.
Pagination
First page
« First
Previous page
‹ Previous
Page
1
Page
2
Current page
3
Page
4
Next page
Next ›
Last page
Last »