Understand spoken Dutch

"water" Practice Dutch lesson

Recording English Dutch Learn
the water

het water

No, only cold water.

Nee, alleen koud water.

Another glass of water, please.

Nog een glas water, alstublieft.

salt water

zout water

water drops

waterdruppels

Splash! there she jumped into the water.

Plof! daar sprong zij in het water.

Is there warm water?

Is er warm water?

She rarely got visitors, because the other ducks preferred to swim in the canal, than to come out of the water to talk to her.

Daarbij kreeg zij zelden bezoek, want de andere eenden zwommen liever in de gracht rond, dan dat zij eens uit het water kwamen om met haar te praten.

Not a drop of water came out of the tap.

Er kwam geen druppel water uit de kraan.

the water dripped from her hair and clothes

het water droop haar uit het haar en de kleren

Well, we will find out soon; it will have to go in the water, even if I have to push it in myself.

Nu, daar zullen we wel gauw achter komen; in het water moet het, al zou ik het er ook zelf induwen.

Their legs went by themselves, and they were all in the water; even the ugly, greyish duckling swam along.

Hun poten gingen van zelf, en allen waren zij in het water; zelfs het lelijke, grauwe eendje zwom mee.

“I have also been fooled like that and it caused me a lot of work with my young ones, because they were afraid of the water.”

“Ik ben ook eens zo beetgenomen en had toen heel wat werk met mijn jongen, want zij waren bang voor het water!”

The water is rising.

Het water stijgt.

Lit up by the blazing sun, there stood an old castle, that was surrounded by a deep canal, and from the wall to the water thick brushwood was growing.

Door de glans der zon beschenen, stond daar een oud kasteel, dat door een diepe gracht omgeven was, en van de muur tot aan het water groeide dicht kreupelhout.

the dark, smooth, mirrored water

het donkere, gladde, spiegelende water

“Quack, Quack!” they said, and one duckling after the other plunged into the water; the water splashed around their heads, and they dived under briefly, but soon they came up again and swam excellently.

“Kwak, kwak!” zeide zij, en het eene eendje na het andere plofte er nu ook in; het water spatte hun om de kop, en zij doken even onder, maar kwamen al spoedig weer boven en zwommen uitmuntend.

“Piff! Paff!” it sounded, and the two wild gannets fell dead in the reeds, and the water turned blood red.

“Piefpafpoef!” klonk het juist, en de beide wilde genten vielen dood in het riet neer, en het water werd bloedrood gekleurd.