Skip to main content
Understand spoken Dutch
Search
User account menu
Show — User account menu
Hide — User account menu
Log in
Understand spoken Dutch
Main navigation
Show — Main navigation
Hide — Main navigation
Home
Online Lessons
Dictionary
FAQ
Donate
Blog
Testimonials
Contact
Breadcrumb
Home
Online Lessons
Parts of speech Dutch Courses
Nouns Courses
Nouns 390 Course
Nouns 390 Examples Lesson
Nouns 390 Examples Dutch lesson
Primary tabs
Summary
Quiz
Content
Secondary tabs
All
Words
Phrases
Recording
English
Dutch
Status
the chairs
de stoelen
the rent
de verhuur
a locker
een kluisje
Everyone ran for cover.
Iedereen zocht dekking.
The goddess gave the warrior a sword and a shield.
De godin gaf de krijger een zwaard en een schild.
I happen to be a pretty good chess player.
Ik ben toevallig een vrij goede schaker.
The difference between a flower and a weed is just judgement.
Het verschil tussen een bloem en onkruid, is slechts een oordeel.
Melting polar icecaps could also contribute to an increase in sea levels.
Het smelten van de poolkappen kan bijdragen aan het stijgen van het zeeniveau.
During the auction, the ruby necklace was sold for a fortune.
Tijdens de veiling werd het robijnen collier verkocht voor een fortuin.